Het Arboconvenant grondstofallergie

In 1996 werden de resultaten bekend van een onderzoek naar allergie bij werknemers die beroepsmatig worden blootgesteld aan meelstof en alpha-amylase. Zij bleken een grotere kans te hebben op het ontwikkelen van astma tijdens hun loopbaan. Mede op aangeven van de overheid hebben werkgevers- en werknemersorganisaties uit de meest betrokken sectoren van het bedrijfsleven augustus 1997 afgesproken dat zij gezamenlijk een pakket van maatregelen zouden ontwikkelen om de aanwezige risico's te minimaliseren.

In 1998 was het eerste Plan van Aanpak Grondstofallergie gereed. Daarin stonden de belangrijkste stappen. Een van deze stappen was het uitvoeren van enkele onderzoeken om een helder inzicht te krijgen in aard en omvang van het vraagstuk. Verder werd afgesproken dat er meer aandacht gegeven zou worden aan voorlichting van bedrijven en werknemers.

Vanaf het begin was er regelmatig overleg met het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. In 1999 werd besloten na te gaan of een arboconvenant zou kunnen helpen bij het oplossen van het vraagstuk. Dit bleek het geval en op 4 juni 2003 ondertekenden staatssecretaris Rutte en werkgevers en werknemers uit de bakkerij, de maalindustrie en bakkerijgrondstoffensector het arboconvenant.

Overheid en bedrijfsleven hebben in het convenant afgesproken de gezondheidsrisico’s van de blootstelling aan meelstof te willen minimaliseren.

Lees hier de volledige tekst van het arboconvenant dat in 2003 werd ondertekend en een looptijd had van 3 jaar.

Tijdens de convenantperiode zijn verschillende instrumenten ontwikkeld zoals het stofbeheersingsplan en het allergieonderzoek.

Ook is er tijdens de convenantperiode veel gedaan aan voorlichting in de vorm van folders en nieuwsbrieven.

Aan het eind van de periode is tijdens de evaluatie en de eindmeting gebleken dat veel van de doelstellingen zijn gehaald maar dat er nog mogelijkheden zijn om de blootstelling aan meelstof verder terug te dringen.

Dit wordt gedaan door preventieve maatregelen op te nemen in de arbocatalogus en door met het allergieonderzoek periodiek de gezondheid van alle werkenden die blootgesteld worden aan meelstof te controleren.